Keynote: Jennifer B Wallace
Door: Gerson Veenstra
Het gevoel dat we ertoe doen is geen luxe
Volgens Wallace missen we het ingebakken gevoel van verbondenheid. De vaste kaartavond op woensdag. Het telefoongesprek zonder notificaties. De buur die even binnenloopt. We missen het gevoel dat we ertoe doen. Dat gevoel is geen luxe, benadrukt ze. Het is een fundamentele menselijke behoefte. We willen ons gewaardeerd voelen én weten dat we waarde toevoegen. Evolutionair gezien betekende ertoe doen overleven. Niet meetellen betekende gevaar. Die bedrading zit nog steeds in ons.
Als we ons gewaardeerd voelen, dragen we bij. We verbinden ons. We zetten ons in. Maar als we het gevoel krijgen dat we niet meetellen, lijden we. Dan trekken we ons terug, raken we uitgeput of cynisch. In het ergste geval ontstaat het gevoel van 'useless' en 'worthless', woorden die suïcidale mannen vaak gebruiken om hun pijn te beschrijven.
En daar komt de huidige technologische golf bovenop. "Techleiders voorspellen dat mensen binnen tien jaar voor de meeste taken niet meer nodig zijn", zegt Wallace. "De grootste uitdaging is niet bijblijven met machines, maar het beschermen van die fundamentele menselijke behoefte."
Mattering bestaat uit vier bouwstenen
Wallace maakt het concreet. Psychologen meten mattering met simpele vragen:
- Hoe belangrijk ben je voor anderen?
- Hoeveel aandacht geven anderen je?
- Hoeveel zou je gemist worden als je weg was?
- Hoeveel zijn anderen van je afhankelijk?
- Hoeveel laten anderen zien dat ze om je geven?
Scoor je laag, dan is dat geen vast gegeven. "Mattering is niet vaststaand", zegt ze. Je kunt het versterken. Volgens Wallace rust mattering op vier ingrediënten. Samen vormen ze het acroniem S-A-I-D:
- Significant: je bent uniek en wordt echt gezien.
- Appreciated: wat je doet en wie je bent maken verschil.
- Invested in: iemand staat in jouw hoek en gelooft in je.
- Depended on: anderen hebben je nodig en vertrouwen op je.
Die vier elementen keren steeds terug in haar verhalen.
We verlangen naar aandacht in het kleine
Over 'significant' zegt Wallace dat we ons vooral in het kleine gezien willen voelen, niet om onze prestaties maar om wie we zijn. Echte aandacht voor iemands eigenaardigheden of dagelijkse gewoontes maakt dat iemand zich uniek en belangrijk voelt. Geen promotie of prijs. Wel de buur die soep brengt als je ziek bent. Of de collega die na een zware week even belt. "Mattering leeft in de details van ons dagelijks leven", zegt Wallace.
Ze vertelt over een man die een prijs ontving. De opsomming van prestaties deed hem weinig. Maar toen een collega hem na afloop een grote pot M&M’s gaf, zijn vaste middagsnack, brak hij. "Het zei: we zien je. We kennen je." Toch maken we het onszelf moeilijk. We leven volgens wat Wallace de 'Three Great Lies' noemt:
- Ik ben wat ik heb.
- Ik ben wat ik doe.
- Ik ben wat anderen van mij vinden.
Die overtuigingen voeden perfectionisme. Maar perfectie schept afstand. "Het is onmogelijk om echt verbinding te voelen met iemand die zich verstopt achter een perfect masker." Wie zich significant wil voelen, moet iets van zichzelf laten zien. En wie een ander dat gevoel wil geven, moet echt opletten. Wat pakt iemand elke middag om drie uur? Waar licht iemand van op?
Waardering is geen HR-slogan
Over 'appreciated' benadrukt ze dat mensen pas echt betrokken raken als ze zien welk verschil hun inzet maakt. Waardering wordt krachtig wanneer je concreet benoemt hoe iemands kwaliteiten bijdragen aan het geheel. Op de werkvloer gaat het vaak mis. Zeventig procent van de werknemers voelt zich niet betrokken, blijkt uit onderzoek dat Wallace aanhaalt. Niet omdat mensen lui zijn, maar omdat ze het verschil niet zien dat ze maken.
Ze vertelt over een fabriek waar bij elke werkplek een kaart hangt. Op die kaart staat niet alleen welk onderdeel iemand maakt, maar ook een foto en verhaal van de persoon die het eindproduct gebruikt. Zo ziet elke medewerker voor wie hij of zij het doet. Ook kleine interventies werken. In een non-profit hingen post-its op deuren van sociaal werkers met dankwoorden van cliënten. De collega’s van administratie hadden lege deuren. De directeur hing bij de ingang een bord: "Vertel iemand hoe hij of zij het verschil maakt." Al snel verschenen ook daar briefjes.
Die waardering richtte zich niet alleen op wat iemand deed, maar op wie iemand is. "Dankzij jouw vasthoudendheid." "Door jouw creativiteit." Het effect is meetbaar. Medewerkers die specifieke en betekenisvolle feedback krijgen, zijn 48 procent minder vaak actief op zoek naar een andere baan en tot vijf keer meer betrokken. Wat op het werk gebeurt, blijft niet op het werk. Wie zich ondergewaardeerd voelt, neemt dat gevoel mee naar huis. Maar het omgekeerde geldt ook.
Iedereen heeft een cornerman nodig
Het derde element, 'invested in', legt Wallace uit via het beeld van een bokser en zijn cornerman. De persoon in de hoek van de ring die zegt: je kunt dit. Ze vertelt het verhaal van Rayhaan, die bij de vuilnisdienst werkte en zich soms onzichtbaar voelde. Toen een moeder tegen haar kind zei: "Zorg dat je niet eindigt als die mannen", raakte dat hem diep. Maar collega’s bleven hem aansporen om te studeren. Ze regelden zelfs een afspraak met een decaan.
Rayhaan ging naar college, daarna naar de universiteit en uiteindelijk naar Harvard Law School. Later startte hij een initiatief om schoonmakers en kantinepersoneel op de campus publiekelijk te waarderen. "Mattering verspreidt zich", zegt Wallace. Wie iemand in zijn hoek heeft, leert zelf ook in de hoek van een ander te staan.
Afhankelijkheid als kracht
Het laatste element, 'depended on', schuurt misschien het meest in een tijd waarin we alles uitbesteden. Wallace noemt voorbeelden van mensen die via apps iemand inhuren om een pakketje binnen te zetten of kattenbak te verschonen. "Is er geen buur die dat vijf minuten kan doen?", vraagt ze zich hardop af.
We vermijden het gevoel een last te zijn. Maar juist kleine verzoeken bouwen relaties. Ze maken ons veerkrachtiger. "We kunnen onszelf niet naar veerkracht self-caren", zegt Wallace. Veerkracht ontstaat in relaties.
Ze sluit af met een scène in de trein. Een boze man schreeuwt tegen niemand in het bijzonder. De conducteur loopt rustig naar hem toe en vraagt: "Gaat het? Heb je iets nodig?" De spanning zakt. Volgens Wallace stelde die man eigenlijk één vraag: zie je mij? Hoor je mij? Doe ik ertoe? Sindsdien stelt zij zich bij elke ontmoeting een denkbeeldig bordje voor op iemands borst: vertel me, doe ik ertoe?
De kern: bescherm wat ons mens maakt
In een tijd waarin efficiëntie en technologie de toon zetten, wijst Wallace op iets fundamentelers. We hebben het gevoel nodig dat we gezien, gewaardeerd, gesteund en gemist worden. Dat vraagt geen groot programma. Het vraagt aandacht. Een pot M&M’s. Een post-it. Een vraag op het juiste moment.
De boodschap van haar keynote is helder: als we bouwen aan de toekomst, bouw dan ook aan culturen waarin mensen voelen dat ze ertoe doen. Want elke keer dat je een ander laat voelen dat hij of zij ertoe doet, versterk je ook je eigen gevoel van betekenis.
Verantwoording: dit verslag is een combinatie van zelf geschreven tekst en tekst van ChatGPT op basis van het transcript van de sessie. Hier kun je lezen hoe ik te werk ga.